|
23-10-2005 - Jatten Natuurlijk was het leven voor de prehistorische mens op veel fronten een stuk moeilijker. Ongetwijfeld was hun leven ook wel een stuk minder ingewikkeld.
Neem nou iets doodnormaals als diefstal.
De prehistorische mens leefde in een hut waar al niet veel te halen viel. Hooguit de hut zelf. Aangezien de buigzame takken waar zo'n hut van gemaakt was niet onder Staatsbosbeheer vielen, kon je die vrijelijk uit een boom rukken. En dan maakte je gewoon even een nieuw huisje. Bomen zat. Toen nog wel.
Met gereedschappen was het al wat lastiger. Het gras was indertijd bij de buurman ook al groener. Dus die had vast betere en mooiere gereedschappen. Als ik de mens bezie kan ik me voorstellen dat die gereedschappen ook best gejat zouden kunnen worden.
De man moest in de prehistorie natuurlijk jagen want de voorouders van Albert Heyn waren toen nog met heel andere dingen bezig. De man des huizes was daarom nogal veel van huis.
De hut van de man zal desondanks niet snel onbewaakt zijn geweest omdat hij toch wel iets van een vrouw gehad zal hebben. Aangezien de mens in die tijd nog niet helemaal geweten zal hebben hoe je zwangerschappen kon voorkomen moet zo'n hut vol met kinderen gestapeld zijn. Dus veel gelegenheid om gereedschappen of andere dingen te stelen was er vast niet. Kinderen hoefden namelijk toen ook nog niet naar school.
Naarmate de jaren voorbijgingen werd ons leven gecompliceerder. Zonder dat we daar bij stilstaan.
Hebt u namelijk een idee hoeveel u in uw leven uitgeeft aan het voorkomen van diefstal?
We beginnen al bij de voorkant van uw huis. Waarom hebt u een deur? Voor de kou alleen? En waarom zit daar een slot in? En een brievenbus? En de bel dan? Hebt u al een alarminstallatie voor uw huis? Waarom zijn er waakhonden? En dievenklauwen? En dat hek vóór of om uw tuin dan?
Waarom zit er standaard een slot op een fiets? Of op een auto? En waarom heeft zowat heel Nederland aan één slot op de fiets niet genoeg? Daarnaast plaatsen we de fiets nog in een bewaakte stalling, als het even kan. En waarom heeft een auto behalve een slot in de deur nog een alarminstallatie nodig?
Hebt u enig idee waarom het al geen nut meer heeft om uw fiets tegen diefstal te verzekeren?
Waarom zit er een rits in uw tas? Hoeveel pincodes en wachtwoorden moet u onthouden? Wat moet u feitelijk met een binnenzak?
Waarom zijn er op school tegenwoordig overal kluisjes? Of in zwembaden?
En waarom zou je geld op de bank zetten als je het ieder moment weer nodig hebt? U krijgt toch geen rente meer op uw betaalrekening. Waarom wordt uw tas gecontroleerd bij een winkel? En waarom hangen er tegenwoordig overal camera's? Waarom zijn er verzekeringen tegen inbraak?
Het is toch vreemd dat we ons van veel van bovenstaande dingen niet eens bewust zijn. We nemen het allemaal maar voor lief. En wat nog veel erger is: iedereen vind het normaal.
Kijk maar eens op de website www.politie.nl. Daar staat, onder het kopje "Preventie": Criminaliteit voorkomen is vaak zinvoller dan boeven vangen.
Zijn we nu allemaal gek geworden? Het is helemaal niet normaal en zeker niet zinvoller om criminaliteit te voorkomen. Wat een onzin!
Iedereen moet gewoon met zijn handjes van een ander zijn spullen afblijven! Dan hebben we al die rommel niet meer nodig.
Of gaat dan de economie weer achteruit?
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 12:36
|
|
23-10-2005 - Dat is goedkoop! Ik heb wel eens het idee dat ik de enige ben die daar een hekel aan heb. Moeders, echtparen, vaders: iedereen wandelt met een vriendelijk gezicht door de supermarkt. Als ik al die griezelig aardige mensen zie lopen, word ik nog chagrijniger.
Ik ga meestal naar dezelfde supermarkt omdat ik dan in ieder geval weet waar alles ligt. Ik word er niet vrolijker van als ik heel lang moet zoeken naar een product wat ik nodig heb. Niet dat een supermarkt daar zich veel van aantrekt: regelmatig worden hele schappen verplaatst zodat ik mijn richtinggevoel kwijt raak.
Boodschappen doen vergt ook heel wat van je tijd. Je moet altijd kijken of van de verse spullen de houdbaarheidsdatum niet in het verleden ligt. Gooi die oude artikelen weg! Dan kan ik snel pakken wat ik nodig heb en doorgaan met het karwei.
Bij de kassa is het helemaal een ramp. Eerst moet je jezelf in zeven bochten wringen in het smalle gangetje om de artikelen uit de veel te grote winkelwagen te pakken en op de lopende band te zetten. Waarop je alweer naar het einde van de kassa moet rennen om daar alle vallende flessen te redden en weer in je karretje te plaatsen. Ik wacht met smart op een intelligente scanner die men over mijn kar heen haalt en in één keer alle artikelen scant.
Het karwei is nog lang niet klaar: je betaalt een flink bedrag zonder aftrek van gevaren- of ellendegeld. Dan moet je alle boodschappen in de auto zetten en als je thuis bent moet alles ook nog in overdreven veel verschillende (koel- en ijs)kasten.
Ik had er meer dan een week tegenop gezien en het alsmaar uitgesteld maar vanmorgen móest ik wel weer. De moed zonk in mijn schoenen. Ik parkeerde de auto, zocht naar een passend muntje voor de winkelwagen en sjeesde naar binnen. Het eerst pad heb ik levend doorstaan! Ik stop bij de vleeswaren en reik naar een onsje worst. Opeens stokt mijn hand. Ik hoor een wat oudere, netjes uitziende man, die door zijn mobieltje praat: "Schat, ik ben nu bij de Albert Heyn. Hier kost de boterhamworst maar 69 cent!"
Ik pak mijn onsje worst en doe de rest van mijn boodschappen voor het eerst met veel plezier.
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 12:11
|
|
23-10-2005 - Ruzie! Het ligt ongetwijfeld aan mijn ochtendhumeur maar ik heb iedere ochtend ruzie met hem. Normaal ben ik niet zo agressief maar toch krijgt hij vaak een tik van me. Als ik dan eenmaal goed wakker aan de koffie zit, schaam ik me daarvoor. Hoe kán ik me zo laten gaan? Hij is altijd vriendelijk en zelfs een tikkeltje gedienstig en toch sla ik hem. Het ergste is nog wel dat hij me nooit iets verwijt. Hij is inmiddels gewend aan mijn humeur.
Meestal hebben we voor de rest van de ochtend weinig last van elkaar: we storen elkaar nauwelijks. Ik doe mijn werk en hij ook. Zonder ruzie, een tevreden rust.
Hij werkt altijd gestaag door, ik werk nogal grillig, zeker ‘s middags. Dat wekt nogal eens irritatie. Ik kan het soms niet uitstaan dat hij altijd zo gelijkmatig door kan werken. Soms heb ik even behoefte aan rust en soms werk ik als een bezetene. Die kalmte die hij over zich heeft maakt me soms woest. Hoe kán iemand zo regelmatig werken? Natuurlijk ben ik gewoon jaloers. Ik zou ook graag hard en gestaag doorwerken maar mijn gemoedstoestand laat dat niet altijd toe.
Laat in de middag hebben we ook nogal eens ruzie. Hij laat me dan merken dat het hoog tijd is om het avondeten klaar te maken terwijl ik nog allerlei andere dingen wil gaan doen. Meestal wint hij het wel van me: ik stommel maar weer naar de keuken en maak lijdzaam het eten klaar.
’s Avonds hoor ik hem bijna niet. Dan laat hij me meestal wel met rust. Midden in de nacht hoor ik zijn zeurderige stem echter weer: “Als je morgen om half acht op wil, had je al lang in je bed horen te liggen!� Ik weiger. Ik wil deze film nog even afkijken. Of dat stuk nog even lezen. Hij zeurt echter net zolang door totdat ik uiteindelijk toegeef. Zuchtend begeef ik me naar de slaapkamer.
Eenmaal in bed beginnen mijn gedachten op hol te slaan. Ik heb het idee dat hij van me steelt! De gedachte begint steeds meer vorm te krijgen. Alles lijkt op zijn plaats te vallen. De tekorten die ik steeds heb. Die moeten toch érgens vandaan komen? Of zou het komen dat ik zo’n hekel aan hem heb? Dat ik hem het liefst mijn huis uit zou donderen!
Het idee alleen al dat ik zonder hem zou kunnen leven maakt me de gelukkigste mens ter wereld. Maar hoe kan een mens zonder TIJD leven?
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 11:13
|
|
23-10-2005 - Gefeliciteerd! Ik ben blij dat ik niet naar “Congratulations� heb gekeken. “Congratulations� was een show over het 50-jarige bestaan van het Songfestival.
Oké, lekker truttig en zeer oubollig, maar ik vind dat nu eenmaal leuk. Totdat ik las dat ze tijdens de show het mooiste liedje van 50 jaar Songfestival gekozen hadden: Waterloo van Abba. Een alleraardigst nummer maar om dat nu als nummer 1 te kiezen?
Dat “Congratulations� van Cliff Richard niet gewonnen had verbaasde me niets. In 1968 lukte dat ook al niet. Maar nu slechts een 8e plaats? Ik neem haast aan dat bij iedere bruiloft, verjaardag of wat voor een feest dan ook ter wereld dit nummer wordt gedraaid. Al zou je het een rotnummer vinden, het blijft onsterfelijk.
Datzelfde kan gezegd worden van een ander liedje, ooit gezongen tijdens het Songfestival.
76 Bekende en ontelbare onbekende artiesten hebben het op hun album staan en/of er zelfs een wereldhit mee gehad, onder andere Petula Clark, Barry White, David Bowie, The Platters, Frank Zappa, Al Martino, Engelbert Humperdinck, The Gipsy Kings, Louis Armstrong, Luciano Pavarotti en Dean Martin.
Volare!
Het is een songfestivalliedje dat slechts 3e werd in 1958. Heeft de jury in die tijd een beetje zitten slapen? In die tijd was er nog een vakjury maar je vraagt je toch af hoe professioneel die waren als je een liedje als dit niet laat winnen. Blijkbaar leert men niet van hun fouten. Tijdens de show van het 50-jarig bestaan van het Songfestival werd het tweede. Terwijl het liedje in de 47 jaar dat het oud is zich inmiddels wel bewezen heeft.
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 10:55
|
|
23-10-2005 - Lapjes Wel eens in een supermarkt een minute-lapje gezien? Dat zijn verkrachte lapjes koe of varken. Die noemen ze zo omdat ze zó dun zijn dat je er bijna doorheen kunt kijken. Dan zijn ze in 1 minuut klaar.
Geloof me, als je zo’n schoenzooltje een minuut in de pan gooit, blijft er niet veel over en al helemaal niets smakelijks. Als je ziet hoe duur dat lapje nog is, zou zelfs de koe er nog van gaan huilen. Dat een koe de pijp uit moet voor mijn lapje is al erg genoeg maar laat het dan wel een lekkere lap zijn. Dan is het nog ergens goed voor geweest. Dan heeft haar leven nog enigszins nut gehad.
Bij de gemiddelde slager is het al niet beter. Lapjes zijn al droog als ze in de vitrine van de slagerij liggen. Ze kijken bijna zielig, net zoals ik als ik zo’n droog lapje krijg voor zo’n exorbitant bedrag.
Maar: ik ben in staking gegaan. Ik wil nog wel eens een pondje gehakt kopen bij de slager maar verder zien ze mij daar niet meer. Ik heb nu een adresje gevonden waar ik karbonades kan kopen van 3 ons en dan zijn ze ook nog kleddernat en dus supervers. Of biefstukken van drie ons voor de helft van de prijs bij AH of de slager. En ze smaken verrukkelijk. Bij de slachter. Ja, dat is misschien wel erg dicht bij de lijn van de levende koe maar een paar duizend jaar geleden had ik haar zelf nog moeten slachten.
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 00:37
|
|
23-10-2005 - Lui-er De eerste tijd van mijn leven heb ik volgens mijn moeder in de luiers gezeten, een soort combinatie tussen een katheter en een stoma. In de tijd dat ik zo een klein mensje was, waren er nog geen Pampers of Huggies dus ik lag in katoenen luiers met van die veiligheidsspelden. Erg veilig waren ze niet altijd, daar je moeder je nog wel eens prikte met die krengen. Ik vraag me af of ze dat wel eens expres deed.
Volgens mijn moeder heb ik nog geen anderhalf jaar in de luiers gezeten. Voor moeder en kind zijn katoentjes geen pretje, natuurlijk. Jij loopt de hele dag met natte en vieze billen en je moeder gaat zowat over haar nek van die rommel die ze moet opruimen. Die luiers moesten ook nog gewassen worden dus dat moet helemaal verschrikkelijk geweest zijn.
Met die nieuwerwetse papieren luiers is dat wel even anders. Billetjes blijven hartstikke droog en moeders vouwen het papieren luiertje ineen en mieteren het de vuilnisbak in.
Je ziet tegenwoordig kinderen van 4 of 5 die nog steeds in de luiers lopen. Ik vraag me af of ze dan ooit nog wel leren om naar de wc te gaan. Volgens mij zijn die Pampers gewoon té goed.
Van de week hoorde ik in het ziekenhuis een moeder tegen haar vijfjarige knulletje zeggen: “Je buggy is ook al bijna versleten�. Een buggy als je vijf bent? Als je nog even langer wacht kun je meteen vanuit je buggy de scooter op.
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 00:34
|
|
23-10-2005 - Respect Iedereen praat tegenwoordig over respect. Je moet blijkbaar voor iedereen respect hebben. Ik dacht altijd dat je respect moest verdienen, dat kun je niet ‘zomaar’ krijgen.
Ik had veel respect voor veel van mijn leraren. Ze waren er altijd, al vond ik dat destijds helemaal niet zo leuk, ze konden orde houden en gaven goed les.
Mijn zoon zit op een vrij nette school maar of ik respect voor zijn leraren kan opbrengen? Het wordt minder. Er vallen gemiddeld wel 5 lessen per week uit bij hem op school. Soms zit een klas een half uur in een lokaal te wachten zonder dat er een leraar verschijnt. En die komt dan ook helemaal niet meer die dag. De reden daarvan horen die kinderen niet. Soms valt een les uit omdat de leraar de dag erop het erg druk heeft en daarom nog het één en ander moet voorbereiden. Vreemd allemaal. Maar als mijn zoon een keer naar de orthodontist moet en ik heb het lef om pas 1 of 2 dagen van tevoren een briefje mee te geven dan heb ik de poppen aan het dansen. Dan wordt mijn zoon dringend gevraagd of dat niet wat eerder had gekund.
Leraren klagen tegenwoordig ook zo veel. Ze moeten lange dagen maken en krijgen veel te weinig geld. Ook vreemd. Mijn oude leraren maakten toch dezelfde lange dagen?
Ik hoor dat de Medezeggenschapsraad van de school van 15.00 uur ’s middags tot 22.00 uur ’s avonds vergadert. Natuurlijk wordt er uitgebreid gedineerd met de 20 leden in het duurste restaurant van ons dorp, terwijl ik 6 restaurants in de buurt weet die stukken goedkoper zijn.
En dan moet ik dus respect hebben voor die leraren? Moeilijk!
De politie is ook een moeilijk geval. In mijn jeugd had iedereen respect voor de politie. Zij waren streng doch rechtvaardig en straalden gezag uit.
Ik lees steeds vaker dat agenten over de schreef gaan. Er wordt gestolen, verkracht, uitjes gemaakt in de baas zijn tijd, gemanipuleerd, steekpenningen aangenomen, enz.
Als je dan ook nog wel eens hoort dat er regelmatig politieagenten een straatje omlopen om vooral maar niet te hoeven optreden tegen agressieve jongeren dan is het voor mij een tikkeltje moeilijk om respect te hebben voor de politie.
Toen ik nog een jong meisje was vond ik de gemiddelde politicus geleerd, oud en netjes. Over het algemeen zeiden ze zinnige dingen al was het dan wat saai. Die mensen waren voor mijn gevoel dag en nacht bezig om het land te regeren. Ze hadden dan wel geen weblog of podcast maar dat was ook niet nodig. Een politicus had nu eenmaal geen eigen privé-mening en als ze die al hadden dan wilde je dat niet weten.
Tegenwoordig zijn er politica die jarenlang praten over de minderbedeelden in ons land en hoe we deze mensen zoveel mogelijk tegemoet kunnen komen. Waarop ze de politiek verlaten en zelf een paar sterke staaltjes ‘zakkenvullen’ laten zien.
Politica komen ook steeds meer naar buiten tegenwoordig. Je weet vrijwel alles van ze en dat bevalt me niets. Van mij mag er ook best in de 2e kamer een flinke discussie gehouden worden maar kan het dan een beetje stijlvol?
En is het misschien eens mogelijk om de Miljoenennota eens tot Prinsjesdag bij je te houden en niet een week van tevoren aan de pers te geven?
Hoe moet ik nu respect hebben voor zulke mensen?
Het goede voorbeeld. Dát is het toverwoord. Vroeger was een schoolmeester of –juffrouw een voorbeeld voor de samenleving, net zoals de politie en de politica.
Tegenwoordig zijn het allemaal ‘gewone’ mensen met net zoveel of misschien wel meer onvolkomenheden als het gewone volk.
Jammer.
Gepost door: Annamaria op 23-10-2005 om 00:24
|
|
|